Druksterkte is de druk die een materiaal kan verdragen voordat het bezwijkt, uitgedrukt in newton per vierkante millimeter. Bij dekvloeren wordt die waarde beproefd volgens EN 13892-2 en vastgelegd in een klasse met de letter C, bijvoorbeeld C20 of C35. Het getal achter de C is de druksterkte in N/mm².
Waarom dit de eerste vraag is bij een industrievloer
Een kunststof afwerklaag is enkele millimeters dik. Die laag neemt zelf nauwelijks last op: hij geeft de belasting door aan de ondergrond. Is de ondergrond te zwak, dan drukt een heftruckwiel of een pootje van een stelling de ondergrond in en scheurt de afwerking mee. De coating krijgt dan de schuld terwijl het probleem eronder zit.
Daarom staat in een goed bestek niet alleen welke vloer erop komt, maar ook welke druksterkteklasse de ondergrond moet hebben.

Hoe het wordt beproefd
Bij nieuwbouw op proefstukken die tegelijk met de vloer zijn gemaakt en onder gecontroleerde omstandigheden zijn uitgehard. Bij een bestaande vloer door kernen te boren en die in het laboratorium te beproeven, of indicatief met een terugslaghamer.
Wat het niet zegt
Druksterkte zegt niets over hoe goed een afwerking hecht, niets over slijtvastheid en niets over hoe de vloer op trek reageert. Een vloer kan hoog scoren op druksterkte en toch een slappe, stoffige toplaag hebben waar niets op blijft zitten. Voor die vraag is de hechttrekproef de juiste meting.
Dit zijn gangbare waarden uit de praktijk en de norm. Het zijn geen uitgangspunten voor een Vloersch-systeem. Wat voor uw vloer geldt staat in uw offerte en op het technisch merkblad.
