Een chemische-bestendigheidstabel zegt hoe een vloer reageert op een bepaalde stof, bij een bepaalde concentratie, temperatuur en blootstellings-duur. Zonder die drie gegevens zegt een vinkje niets. De gebruikte testmethoden zijn meestal EN 13529 voor ernstige chemische belasting van betonbescherming en ISO 2812 voor coatings.
De drie variabelen die alles bepalen
Concentratie. Melkzuur 5 procent en melkzuur 50 procent zijn twee verschillende werelden. Een tabel zonder percentages is onbruikbaar.
Temperatuur. Chemische aantasting versnelt sterk met de temperatuur. Een vloer die bij 20 graden bestand is tegen een reinigingsmiddel, kan bij 60 graden alsnog bezwijken. In natte voedingsomgevingen is dat de belangrijkste reden dat epoxy tekortschiet en polyurethaanbeton wel standhoudt.
Duur en herhaling. EN 13529 kent twee regimes: kortdurende blootstelling van 24 uur en langdurige blootstelling van 28 dagen. Een vloer die incidenteel gemorste stof aankan, houdt permanente onderdompeling niet per se uit.

Hoe de beoordeling werkt
Bij EN 13529 wordt het monster blootgesteld en daarna beoordeeld op verandering van hardheid en uiterlijk. Bij ISO 2812 gaat het om onderdompeling of een vlekproef, met beoordeling op blaasvorming, verkleuring, verweking en hechtingsverlies. Bestandheid betekent niet dat er niets gebeurt; het betekent dat de verandering binnen de afgesproken grens blijft. Verkleuring is meestal toegestaan.
Wat wij op locatie vragen
Welke stoffen komen er echt op de vloer, in welke concentratie, hoe warm, hoe vaak en hoe lang blijven ze liggen voordat er wordt schoongemaakt? Dat is een ander gesprek dan "wij werken in de voedingsmiddelenindustrie". Een bakkerij met deeg en bloem vraagt een andere vloer dan een zuivelbedrijf met melkzuur en heet water.
