Naar de hoofdinhoud
Normen en certificeringen · 2 min lezen · 2026-09-20

Wat is het verschil tussen HACCP, ISO 22000, FSSC 22000, BRCGS en IFS?

HACCP is een verplichte werkwijze, geen certificaat. ISO 22000 is een certificeerbare norm voor een voedselveiligheidsmanagementsysteem waar HACCP in zit.

Blauwe Comforcon QCF en Ucrete BC4 antislipvloer bij een vleesverwerker

HACCP is een verplichte werkwijze, geen certificaat. ISO 22000 is een certificeerbare norm voor een voedselveiligheidsmanagementsysteem waar HACCP in zit. FSSC 22000, BRCGS en IFS zijn auditschema's die door de Global Food Safety Initiative zijn erkend en die uw afnemer vaak eist. Alle vier gaan over uw organisatie. Geen van vier certificeert een vloer.

HACCP

HACCP staat voor Hazard Analysis and Critical Control Points. Het is een systematiek: u brengt gevaren in kaart, bepaalt waar u die kunt beheersen, stelt grenswaarden vast, meet, en legt vast wat u doet als het misgaat. In de Europese Unie is werken volgens HACCP wettelijk verplicht voor vrijwel elk levensmiddelenbedrijf, op grond van de hygiëneverordening (EG) nr. 852/2004. U kunt zich er niet voor laten certificeren. U voert het uit, en de NVWA of uw afnemer controleert of u dat aantoonbaar doet.

Blauwe Comforcon QCF en Ucrete BC4 antislipvloer bij een vleesverwerker
Blauwe Comforcon QCF en Ucrete BC4 antislipvloer bij een vleesverwerker

ISO 22000

ISO 22000 is wel certificeerbaar. Het is een managementsysteemnorm die de HACCP-principes combineert met de structuur die u ook uit ISO 9001 kent: directieverantwoordelijkheid, risicodenken, interne audits, verbetercyclus. Let op de veelgemaakte fout: ISO 22000 is géén kwaliteitsmanagement, het is voedselveiligheidsmanagement.

FSSC 22000, BRCGS en IFS

Veel afnemers, vooral supermarktketens, eisen een schema dat erkend is door het Global Food Safety Initiative. De drie die u in Nederland het meest tegenkomt zijn FSSC 22000 (ISO 22000 plus sectorspecifieke basisvoorwaardenprogramma's en extra eisen), BRCGS en IFS. Ze verschillen in opzet en scoring, maar ze kijken alle drie naar hetzelfde: gebouw, inrichting, proces, mensen en registratie.

Waar de vloer in beeld komt

In al deze schema's valt de vloer onder de basisvoorwaarden: het gebouw en de inrichting. Een auditor kijkt of de vloer heel is, te reinigen, niet absorberend, of er geen scheuren of open naden zijn, of water weg kan lopen en of de aansluiting op de wand dicht is. Een kapotte voeg of een plas die blijft staan is een bevinding. Het merk van de vloer niet.

Lees ook

Wij bekijken uw vloer op locatie

Wilt u dit toepassen op uw eigen vloer? Wij denken graag mee.